Nederlanders in de grensregio steken vaak de grens over naar Duitsland om daar te wonen of te werken. De huizen zijn er vaak voordeliger – en in sommige sectoren ligt het salaris hoger dan in Nederland. De wet- en regelgeving omtrent werken over de grens kan echter complex zijn en soms zelfs nadelig uitpakken: De Stentor schreef al meerdere artikelen over gepensioneerde grenswerkers met een klein pensioen die met dubbele belastingheffing te maken kregen. Naar aanleiding hiervan heeft Tweede Kamerlid Agnes Joseph (BBB) op 26 augustus schriftelijke vragen ingediend bij demissionair minister van Financiën Eelco Heinen (VVD).
Kleine pensioenen
Nederlanders die in Duitsland werken en/of wonen, bouwen daar in principe ook hun pensioen op. Over de premies die ze daarvoor afdragen, betalen ze belasting in Duitsland. Indien deze grenspendelaars weer terugverhuizen naar Nederland en de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, moeten grenspendelaars met een klein Duits pensioen (tot 15.000 euro) in Nederland echter opnieuw belasting over hun pensioenuitkering betalen. Over deze pensioenen wordt dus dubbele belasting geheven.
Rechtszaken tot nu toe zonder succes
Een aantal gepensioneerden vindt dit onrechtvaardig en stapte daarom in 2018 naar de rechter. Na enkele rechtszaken kregen ze in 2022 gelijk, maar de toenmalige staatssecretaris ging bij de Hoge Raad in cassatie tegen het oordeel. Sindsdien ligt de zaak nog altijd bij de Hoge Raad, die heeft aangegeven in ieder geval nog tot oktober 2025 nodig te hebben om de zaak te beoordelen.
Kamervragen
Kamerlid Joseph wil nu van demissionair minister Heinen onder andere weten hoeveel gepensioneerden hierdoor zijn getroffen, waarom gekozen is voor een grens van 15.000 euro, hoe deze constructie zich verhoudt tot het uitgangspunt dat belastingverdragen dubbele belasting moeten voorkomen en of de minister bereid is om de groep gepensioneerden tegemoet te komen. Ze heeft de minister gevraagd de vragen binnen drie weken te beantwoorden.