Over de grens: “Een vrijdagmiddagborrel kennen ze in Duitsland niet”

Over de grens: “Een vrijdagmiddagborrel kennen ze in Duitsland niet”
Bij het evenement waren ruim 300 internationale studenten van Fontys Venlo en Hochschule Niederrhein Krefeld aanwezig om kennis te maken met ruim 50 Nederlandse en Duitse bedrijven uit het grensgebied. (c) Mark Brands

Hoe behoud je goed opgeleide jongeren voor de regio? Het is een vraag die regelmatig voorbijkomt in de regio Venlo. Zo ook op donderdag 24 maart in VVV-stadion De Koel. Daar waren ruim 300 internationale studenten van Fontys Venlo en Hochschule Niederrhein Krefeld bijeengekomen om kennis te maken met ruim 50 Nederlandse en Duitse bedrijven uit het grensgebied. Bedrijven die wilden laten zien dat ze meer te bieden hebben dan menig student kan vermoeden. Dit is het eerste deel van de korte serie ‘Over de grens’.

Dit artikel verscheen eerder bij VenloVanbinnen.nl. Tekst: Jac Buchholz, beeld: Mark Brands. 

‘Euregional Business Champions Meet Future Talents’: zo luidde voluit de naam van het event. Dat dus behoorlijk druk werd bezocht. Een hele middag lang konden studenten en bedrijven met elkaar kennismaken in allerlei break-out sessies. Het event begon echter met een paneldiscussie die een aantal bekende én een aantal verrassende conclusies opleverde. Hoe behouden we jongeren die hier studeren ook na hun afstuderen voor de regio en hoe versterken we grensoverschrijdende samenwerking? Dat was de hoofdvraag die gespreksleider Frans Pollux voorlegde aan vijf jongeren, die inderdaad in deze regio aan het werk zijn gegaan: Jean-Maurice Henkel (Effecty), René Wokke (Pure Ingrediënts), Steffen Heythausen (Personato), Katrin Poetscki (Agrobusiness Niederrhein) en Denise Raetsen (Fontys Talent Academy).

Volop carrièrekansen

V.l.n.r.: Jean-Maurice Henkel (Effecty), René Wokke (Pure Ingrediënts), Steffen Heythausen (Personato), Katrin Poetscki (Agrobusiness Niederrhein) en Denise Raetsen (Fontys Talent Academy). (c) Mark Brands

Hoewel we buren zijn, begint Denise Raetsen, is er naast het taalverschil nog altijd een cultuurverschil. “Kijk alleen al naar het verschil in schoolsystemen in Nederland en Duitsland. Wil je vanuit een Duitse opleiding in Nederland aan het werk, of omgekeerd, dan kost dat meer moeite dan wanneer je in je eigen land blijft.” Steffen Heythausen merkt vervolgens op dat deze regio zich wel eens nadrukkelijker mag profileren. “We onderschatten onze kracht, veel mensen zien de potentie niet. Natuurlijk zijn jongeren gevoelig voor grote namen als Coca Cola, Tesla of Amazon. Die grote namen hebben we niet. Maar wel heel veel interessante bedrijven die volop carrièrekansen bieden. Dat moeten we veel meer duidelijk maken.”

Meerwaarde

Jean-Maurice Henkel bevestigt dat. “Als je, zeker als jongere, zegt dat je voor bijvoorbeeld Nestlé werkt, dan kent iedereen dat bedrijf. Het staat ook goed op je cv, denken ze.” Denise Raetsen knikt. “Het is nog maar de vraag of dat echt zo is, of werken voor een grote naam meerwaarde heeft. Ik denk dat de wat kleinere bedrijven meer carrièremogelijkheden bieden.” “Dus je als bedrijf nadrukkelijker van je beste kant laten zien is een van de oplossingen?”, vraagt Frans Pollux. “Maar dan moet je dat wel kunnen”, antwoordt Katrin Poetscki. “In de sector waarin ik werkzaam ben, de agrosector, zijn tijd en budget beperkter dan bij de grote namen. Veel tijd zit in het runnen van het bedrijf.”

Korte en lange termijn

René Wokke noemt dan het verschil tussen de korte en lange termijn. “Voor veel jongeren die net zijn afgestudeerd, ligt de focus op de korte termijn. Die willen in een grote stad wonen, een mooie auto. Maar wat wil je op de lange termijn, zou je dan moeten vragen. Ik denk dat ze zich hier in de regio beter kunnen ontwikkelen, dat ze hier prettiger wonen. Maar de lange termijn speelt in die fase meestal nog niet.” Overigens, geeft hij aan, zal je lang niet alle jongeren aan deze regio kunnen binden. “Focus op de jongeren die er open voor staan. Je hebt ook mensen die globaal denken en over de hele wereld willen werken en wonen. Die houd je niet hier.”

Netwerk

Steffen Heythausen is het met hem eens. “Kijk bijvoorbeeld naar de jongeren die hier wel een netwerk hebben. Maar opnieuw, bedrijven zullen zich nadrukkelijker moeten profileren. Ik ken voorbeelden van jongeren die denken dat hier geen geschikt werk voor ze te vinden is. Wijs je die de juiste weg, dan vinden ze zo vier, vijf bedrijven die passen bij hun ambities.” Wat voor jongeren die niet uit Nederland of Duitsland komen een barrière kan zijn, zegt hij, is de taal. “Duits en Nederlands zijn hier leidend. Als je één van die twee spreekt, is dat een groot voordeel in het opbouwen van een mooie carrière.” Katrin Poetscki kan zich in die opmerkingen vinden. “Een goed netwerk is belangrijk. Heb je dat nog niet, zoek dan contact met iemand die dat wel heeft. Hij of zij kent het bedrijfsleven in de Euregio en kan een jongere bij de juiste bedrijven introduceren.” Denise Raetsen sluit zich aan bij de opmerking dat het kennen van de taal en cultuur van deze regio een grote pré is voor iemand die hier aan het werk wil. Met een nieuwe minor waarmee Fontys in september start, wordt op die behoefte ingespeeld, zegt ze.

Duidelijk profileren

Concurreren de grotere steden in de Euregio niet te veel met elkaar bij het binnenhalen van aantrekkelijke bedrijven, is dan de vraag van gespreksleider Pollux. Jean-Maurice Henkel snapt dat het gebeurt, maar jongeren op zoek naar een mooie baan hebben daar geen boodschap aan. “Wij kijken naar het grotere geheel.” René noemt Brainport Eindhoven als een goed voorbeeld van hoe het beter kan. “Daar is ongetwijfeld ook concurrentie, maar naar buiten toe presenteren ze zich als eenheid met een nadrukkelijk eigen kenmerk: de slimste regio. Dat duidelijk profileren is belangrijk en een taak van alle bedrijven in de regio gezamenlijk.”

Naborrelen

Het volgende gespreksthema is het cultuurverschil tussen Nederland en Duitsland. Daar zijn alle panelleden het wel over eens: dat is er. Het beeld van de formele Duitser en losse Nederlander klopt, al draait het wel iets bij. Waar de panelleden het ook over eens zijn, is dat een netwerkevent als dat waar ze nu aan deelnemen in Duitsland niet zou kunnen plaatsvinden. Jean-Maurice Henkel: “Ze doen daar niet aan netwerken, naborrelen, maar gaan na een bijeenkomst meteen weg.” René Wokke, lachend: “Een vrijdagmiddagborrel kennen ze dan ook niet, hebben we gemerkt.”

Plezier

Eindconclusie van het panel is dat ondernemers in deze regio sterker moeten inzetten op grensoverschrijdende samenwerking, eventueel ondersteund door subsidietrajecten. Daardoor wordt de regio aantrekkelijker om in te werken. Laatste boodschap aan de aanwezige studenten luidt: “Ga voor jezelf na waar je goed in bent en wat je wilt. En realiseer je dat plezier in je werk en woonomgeving belangrijker is dan werken voor een grote naam.”

X