Duitse toeristen zijn nog steeds goed via printmedia te bereiken, Nederlandse vakantiegangers oriënteren zich vooral online. Dit is een van de conclusies tijdens de derde euregionale masterclass van Fontys Crossing Borders en de Business Club Maas Rhein over grensoverschrijdende marketing in de toeristische sector. Fontys studenten en zo’n 50 vertegenwoordigers van toeristische bedrijven en organisaties waren gisteren aanwezig om de finesses van grensoverschrijdende marketingactiviteiten te bespreken.

Kristina Peeters, o.a. verantwoordelijk voor de Duitse marketingactiviteiten van Kasteeltuinen Arcen en voor de marketing en communicatie van de Business Club Maas Rhein, trapt de bijeenkomst af met enkele feiten en cijfers. Zo blijken toeristen in de provincie Limburg vooral overnachtingen in bungalows te boeken; in de regio Niederrhein verblijven toeristen vaker in hotels. Verder blijkt de campingdichtheid in Nederland veel groter: in ons land zijn per 100 km² gemiddeld 7 campings te vinden, in Duitsland slechts 1.

Een studente van Fontys aan het woord tijdens de masterclass.

De paden op

Zowel Nederlanders als Duitsers houden erg van wandelen en fietsen en het aanbod van grensoverschrijdende routes is dan ook groot. Zo zijn er in de regio Niederrhein negen premium wandelroutes uitgestippeld. “We zien steeds meer jonge mensen uit Nederland met professionele wandeluitrusting deze routes lopen”, vertelt Martina Baumgärtner van Niederrhein Tourismus GmbH. De regio Niederrhein ontvangt jaarlijks ongeveer 20% Nederlandse toeristen, die gemiddeld zo’n 5 à 6 nachten in de regio verblijven. Duitse toeristen boeken vaker korte vakantietrips met 2 à 3 overnachtingen.

Verschil in marketingstrategie

Bij grensoverschrijdende marketingactiviteiten is het belangrijk om rekening te houden met de verschillende interesses van Nederlandse en Duitse toeristen, vertelt Jeske van Gerven van Leisure Port, een samenwerkingsverband tussen acht Noord-Limburgse gemeenten en 180 bedrijven in deze regio. “Mensen uit de Randstad komen graag naar Limburg vanwege de lekkere asperges, maar bij Duitsers hoef je hier niet mee aan te komen. Deze vinden dat ze zelf de beste asperges hebben.” Duitse toeristen zijn vooral geïnteresseerd in wandel- en fietsroutes, met knooppunten aan beide zijden van de grens. “Ook bieden we shoppingroutes aan in Venlo, want Duitsers trekken immers graag de grens over om inkopen te doen in Nederland”, aldus Van Gerven.

Samenwerking loont

Grenspark Maas-Swalm-Nette, gelegen in zowel Limburg als Noordrijn-Westfalen, heeft inmiddels aan talrijke grensoverschrijdende projecten een bijdrage geleverd. Het grenspark werkt intensief samen met zeven gemeenten in Midden-Limburg. Directeur Leo Reyrink onderstreept het belang van samenwerking tussen Nederlandse en Duitse partijen op het gebied van marketing in de toeristische sector. “Verdiep je in de cultuurverschillen, wees geduldig en flexibel en probeer van elkaar te leren”, aldus Reyrink. “Nederlanders kijken vaak waar het schip strandt, maar Duitsers hebben een andere benadering: Ein deutsches Schiff strandet nicht, es hält Kurs!”