Volgens voorzitter Hans De Boer van werkgeversorganisatie VNO-NCW moeten het Nederlandse en Duitse bedrijfsleven nader tot elkaar komen. Dit kan volgens hem onder andere door de aanleg van een hogesnelheidslijn van Amsterdam via Noord-Nederland, Bremen en Hamburg naar Berlijn. Dit opperde De Boer gisteren op het eerste Duits-Nederlandse economisch forum in Münster, zo valt te lezen in het Financieele Dagblad.

De Boer heeft nog meer concrete plannen klaarliggen om de samenwerking met Duitsland te intensiveren. Zo moet de Nederlandse kennis over oplaadpunten voor elektrische auto’s ingezet worden in de Duitse auto-industrie. De Duitse regering wil veel meer elektrische auto’s op de Duitse wegen laten rijden, maar volgens De Boer weet de Duitse auto-industrie te weinig over oplaadstations. Nu lijkt Duitsland het streven om in 2020 een miljoen elektrische auto’s op de Duitse wegen te laten rijden, bij lange na niet te halen. Begin dit jaar lag het aantal nog op een magere 25.000.

Ook Ton Lansink, de consul-generaal van Nederland in Düsseldorf, luidde gister in Münster de noodklok. Duitsland is de belangrijkste handelspartner van Nederland, maar toch nam vorig jaar het marktaandeel van producten en diensten uit Nederland met 0,6 procentpunt af naar 88,1 miljard euro. Volgens hem kan Nederland de concurrentie van andere landen van waaruit Duitsland importeert, niet bijbenen. Het marktaandeel daalde voor het eerst in jaren. In 2014 bedroeg het marktaandeel 9,55%. Volgens Lansink dreigt Nederland zijn goede positie in Duitsland te verliezen. Hij waarschuwt dat Duitsland anders omgaat met de eurocrisis dan Nederland. De Telegraaf citeert Lansink: “Zij investeren in industrie, onderzoek en ontwikkeling. En ze houden vast aan dingen die goed lopen. Wij bezuinigen vooral en liberaliseren de markt.”